Hij is dood en ik niet - De dood van Ivan Iljitsj van Tolstoj

Tolstoj

De naam Tolstoj boezemt angst in. Denk aan het sadistisch dikke Oorlog en Vrede, die magistrale roman die weinigen in zijn geheel hebben gelezen. Behalve beroepslezers, slapelozen en een handvol leugenaars die doen alsof, nemen weinigen de tijd om de 1652 pagina’s van het grootse meesterwerk te genieten. Het staat ongelezen in mijn kast.

Er is redding. In de reeks nieuwe vertalingen in de Russisch Bibliotheek van Van Oorschot verscheen deel II van de verhalen van Tolstoj. In kraakhelder en toegankelijk Nederlands lees je in zestig pagina’s dundruk de novelle De dood van Ivan Iljitsj. Samen met De Kreutzersonate vormt dit een hoogtepunt in het werk van Tolstoj.

 

 

 

De titel verhult niets. Ivan Iljitsj sterft, zowel op de eerste pagina ‘Heren!’ zei hij, ‘Ivan Iljitsj is dood.’ ‘Nee toch?’ als in de laatste zin van het verhaal Hij haalde adem, stokte midden in die zucht, strekte zich uit en stierf.

Maar al op de eerste pagina ontvouwt zich de kracht van deze novelle. In enkele alinea’s wordt duidelijk dat Ivan Iljitsj dood is, dat zijn collega’s hem graag mochten, dat zij quasi-verbaasd het nieuws van zijn dood aanhoren en nog voordat de uitvaart is geweest, bedenken ze wat dit overlijden betekent voor hun eigen overplaatsing of promotie en klagen ze over de vervelende verplichtingen die bij een uitvaart horen.

Zo, dus hij is dood en ik niet, dacht of voelde iedereen. Na deze ongemakkelijke waarheid die al na anderhalve pagina staat geschreven, komen we te weten dat de Ivan Iljitsj drie dagen en nachten lang onophoudelijk en vreselijk heeft geleden. Dus dat kan mij nu ook elk moment te wachten staan denkt de springlevende Pjotr Ivanovitsj, staande naast het  lijk van zijn studievriend Ivan Iljitsj.

In de volgende delen van het verhaal, dat opgedeeld is in twaalf korte hoofdstukken, lezen we over het aangename en fatsoenlijke leven van Ivan Iljitsj. Zijn jeugd, studie, werk en carrière en zijn gezin. Dan volgt een verhuizing, een nieuwe baan, en na een ruzie met zijn vrouw waarbij hij opnieuw prikkelbaar reageert, stuurt zijn vrouw hem naar de dokter. Ook hier wordt het tijdloze gestuntel van dokters in gesprek met hun patiënten vlijmscherp beschreven. De dokter zei: dat en dat laat zien dat er in uw inwendige dat en dat aan de hand is; maar als dat niet wordt bevestigd door die en die onderzoeken, dan moeten we van dat en dat uitgaan. (...) Voor Ivan Iljitsj was maar één vraag van belang: was zijn situatie gevaarlijk of niet?

De onzekerheid en teleurstelling na dit doktersbezoek veranderen de hele blik van Ivan Iljitsj op zijn omgeving, zijn leven, zijn wereld en zijn naasten. In de latere pagina’s van het verhaal beschrijft Tolstoj de eenzaamheid van de zieke, die zich onbegrepen en wanhopig voelt in zijn lijden. Niemand durft met hem over de dood te praten. Niet zijn vrouw, niet de verschillende dokters. Alleen zijn bediende kan hem enige troost bieden door als enige eerlijk tegen hem te zijn over de naderende dood, door met hem te praten en zijn benen vast te houden. Ivan Iljitsj wil graag dat iemand medelijden met hem betoonde alsof hij een ziek kind was. (...) vertroeteld en getroost.

Stap voor stap opent zich in het aanzicht van de dood de leegte van zijn leven. Een genadeloos mooie novelle, over het aanvankelijk voortkabbelende leven en onze naasten, en hoe we hier volkomen anders naar kijken in de spiegel van het lijden en de onvermijdelijke dood.

 

 

De dood van Ivan Iljitsj, uit: Verzamelde werken 2. Verhalen en novellen 1863-1910. Tolstoj. Vertaling Yolanda Bloemen, Froukje Slofstra en Marja Wiebes. Uitgeverij Van Oorschot, 2015.