Psychiatrie van de Toekomst

Psychiatrie van de toekomst

Titel: Gepersonaliseerde behandeling van depressie een stap dichterbij

Deze post maakt deel uit van de rubriek "Psychiatrie van de Toekomst" in het Tijdschrift voor Psychiatrie, in samenwerking met De Jonge Psychiater (pdf versie)

 

Waarom dit onderzoek?

Cognitieve gedragstherapie (CGT) en antidepressiva (AD) zijn ongeveer even effectief bij depressie, maar geven ieder apart slechts 30-40% remissie. Bovendien reageren sommige patiënten wel op de ene behandeling, maar niet op de andere, wat vraagt om een gepersonaliseerde behandelkeuze op basis van voorspellers. Helaas blijken klinische factoren zoals ernst of type depressie in meta-analyses niet voorspellend. De gyrus cinguli subcallosus (SCC) is een belangrijk schakelpunt in het limbische hersennetwerk en is veelvuldig geassocieerd met depressie en behandelrespons. Daarom zou functionele connectiviteit met dit gebied een goede behandelvoorspeller kunnen zijn.

 

Onderzoeksvraag

Voorspelt functionele connectiviteit tussen de SCC en andere corticale en limbische gebieden hoe iemand met een depressie op CGT of AD zal reageren?

 

Hoe werd dit onderzocht?

Na een resting-state-fmri-scan randomiseerden de auteurs 122 volwassenen met een eerste niet-psychotische depressie naar 12 weken CGT of AD (escitalopram 10-20 mg/dag of duloxetine 30-60 mg/dag). Na behandeling werd met variatie- analyse per behandeling berekend welk SCC-connectiviteitspatroon geassocieerd was met remissie (score < 8 op de Hamilton Depression Rating Scale) of falen (< 30% afname).

 

Belangrijkste resultaten

Een grotere positieve connectiviteit tussen de SCC en linker ventrolaterale prefrontale cortex/insula, linker ventromediale prefrontale cortex en het dorsale mesencefalon was geassocieerd met remissie na CGT en falen van AD. Afwezige of negatieve connectiviteit tussen SCC en deze regio’s was juist geassocieerd met falen van CGT en remissie na behandeling met AD. Een combinatie van de connectiviteitsscores van de SCC met de drie regio’s resulteerde in een accuratesse van de classificatie van 78% (remissie) en 89% (falen) voor CGT en 72% (remissie) en 75% (falen) voor AD.

  

Hoe zal dit onderzoek ons vak veranderen?

Een resting-state-fmri-scan is goedkoop en eenvoudig te maken. Voordat we zo’n scan als behandelvoorspeller in de praktijk gaan toepassen, is onafhankelijke replicatie nodig van de huidige resultaten. Daarnaast valt de classificatieaccuratesse nog onder het minimumpercentage van 80% dat de APA heeft gesteld voor klinische toepasbaarheid van biomarkers. Hoopgevend is dat er inmiddels nieuwe analysetechnieken (machine learning) zijn ontwikkeld die deze accuratesse sterk kunnen doen stijgen.

 

 

Referentie 

Dunlop BW, Rajendra JK, Craighead WE, Kelley ME, McGrath CL, Choi K S, e.a. Functional connectivity of the subcallosal cingulate cortex and differential outcomes to treatment with cognitive-behavioral therapy or antidepressant medication for major depressive disorder. Am J Psychiatry 2017; 174: 533-45.

  

Deze post maakt deel uit van de rubriek "Internationaal Toponderzoek" in het Tijdschrift voor Psychiatrie, in samenwerking met De Jonge Psychiater (pdf versie)