De psychiater-fashionista: kleren maken de psychiater

Wat is het probleem?

Al tijdens de opleiding geneeskunde leer je veel over de kledingmores van verschillende medische specialismes: chirurgen zien er altijd formeel uit, huisartsen net iets te casual en onder psychiaters tref je regelmatig (en helaas) de geitenwollensok, de alternatieve (shamanistische) klederdracht (in kleuren en geuren) of een Corduroy blazer aan.

Op zich zijn verschillen in kledingstijl niet erg. Een beetje diversiteit doet de samenleving goed. Toch heeft het meer invloed dan je denkt. Denk bijvoorbeeld aan de eerste indruk die kleding maakt op aankomende dokters. Of hij het nu wil of niet, dat heeft invloed op de specialisatiekeuze van aankomende dokters. Een stoffig sjamanistisch imago van de psychiater draagt dan niet bij aan het werven van flitsende jonge dokters voor de opleiding psychiatrie.

Onderzoekers uit Londen onderzochten daarom: 1) of er vooroordelen bestaan onder studenten geneeskunde over bepaalde kledingkeuzes van verschillende medisch specialisten; 2) of deze studenten bepaalde specialisten konden herkennen enkel op basis van kleding; en 3) welke specialisten het meest modieus en betrouwbaar waren gekleed.

 

Hoe is dat onderzocht?

In dit cross-sectionele onderzoek (link) werd aan 100 medische studenten (respons rate 79%) gevraagd deel te nemen aan een papieren survey. Er werden 10 foto’s van medisch specialisten (i.o., zie figuur) voorgelegd waarbij op basis van kleding moest worden geraden tot welke beroepsgroep ze behoorden. Tevens moesten de deelnemers de foto’s rangschikken op (oa) betrouwbaarheid en modieusheid.

 

Wat zijn de resultaten?

Herkenbaarheid: 

Eerste hulp artsen waren gemakkelijk te herkennen: 66% kon opmaken uit de foto’s dat het ging om een SEH-arts. Psychiaters werden in 44% van de gevallen herkend en kinderartsen werden nauwelijks herkend (13%). Opvallend dacht bijna niemand van de studenten dat een vrouw ook een chirurg kon zijn en dat een man ook een gynaecoloog kon zijn.

Modieus:

Opvallend; vrouwelijke gynaecologen en mannelijke psychiaters werden het meest modieus gekleed bevonden. 79% van de studenten dacht dat de man in pak (zie figuur) een chirurg was, en 47% dacht dat de flamboyant geklede dokters psychiaters waren.

Vooroordelen:

Opvallend was dat de meeste studenten een duidelijke mening hadden over de kledingkeuzes. Ze vonden dat dokters ofwel een pak moesten dragen ofwel een witte jas. Dit werd meestal beargumenteerd met het idee dat dokters herkenbaar moesten zijn. Casual kleding is niet bevorderlijk voor de herkenbaarheid van dokters.

 

Wat moeten we hier nu mee?

De resultaten laten zien dat jonge dokters duidelijke meningen en enige vooringenomenheid hebben aangaande de kleding van (aankomende) medisch specialisten. Daarbij vallen een paar dingen op: allereerst is er een duidelijke genderbias. Sommige specialisaties worden overduidelijk geassocieerd als vrouwenberoepen (gynaecologie) en mannenberoepen (chirurgie). Daarnaast komt duidelijk naar voren dat studenten geloven in een professionele look. Als je er professioneel uitziet, dan wordt verondersteld dat je betrouwbaarder overkomt.

Als je dit vertaalt naar de huidige psychiatertekorten in Nederland moeten we ons als beroepsgroep achter de oren krabben. Ik vraag me hardop af of we wel serieus genomen worden door jonge dokters. Door een professionele uitstraling en verzorgde kleren verminder je het stigma wat niet alleen op psychiatrische patiënten rust, maar ook op ons als psychiaters. Nu worden we nog te vaak gekarikaturiseerd door geneeskundestudenten als sjamanistische handopleggers in spirituele djellaba’s die zwevend op geitenwollensokken patiënten aanmoedigen om met bomen te knuffelen en die we trachten beter te maken met chakratherapie.

Volgens mij is het tijd om dat imago van ons af te schudden. Daarmee kom ik bij mijn verzoek: doe je zweefkleren in de zak van Max, ga een dagje shoppen met manlief (of vrouwlief), en doe vanaf morgen een mooi getailleerd overhemd, een kordate rok, een gewassen shirt of een flitsende blazer aan naar je werk. Je zult zien, daar knappen je jonge collegae (en je patiënten) van op.