De Vloek van slimme mensen

Imposter

Een collega vertelde me over zijn laatste intervisie. Zijn intervisiegenoot –huisarts in het oosten des lands- had ingebracht dat hij op het punt stond opleider te worden. “Hoe komen ze bij mij uit?’ had de collega gezegd, ‘ik ben nog maar net huisarts en geen idee of ik dat wel kan, opleiden’. De hele bijeenkomst hadden ze met z’n allen op hem ingepraat. Dat hij het wel kon, dat hij juist erg geschikt was, een prachtig CV had etcetera. Iets meer op z’n gemak leek de huisarts aan het einde van de intervisie. Maar ’s avonds kreeg m’n collega een appje: ‘Moet ik het nou wel doorzetten? Volgens mij ben ik alleen gevraagd omdat m’n promotie destijds ligt op vlak van het stokpaardje van de vorige opleider’.

Imposter syndroom

Ondanks je succes geneigd zijn te geloven dat je niet intelligent genoeg bent en dat anderen je te hoog inschatten wordt ook wel ‘het val door de mand’ syndroom genoemd1. Dit syndroom, ook wel bedriegers-, oplichters of imposter syndrome genoemd, is een verschijnsel dat in 1978 voor het eerst wordt beschreven door klinisch psychologen Clance en Imes. Het gevoel dat anderen ieder moment kunnen ontdekken dat je helemaal niet zo slim, gevat of capabel bent als dat je wellicht op hen overkomt. Vaak wordt het beschreven in relatie tot werk of carrière, maar ook in sociale situaties komt het voor. Zo heb ik ooit eens jonge patiënte horen zeggen over het vermijden van een vervolgcontact met een jongen die ze leuk vond: ‘ik was toen toevallig even heel gezellig en grappig op dat festival, maar dat ga ik nooit meer evenaren.’

Het bedriegerssyndroom wordt vooral aan vrouwen toegeschreven, maar uit promotieonderzoek van Imes komt naar voren dat mannen net zo goed hoog scoren op ‘imposter’ vragenlijsten2. Er bestaat –wellicht onverwacht- geen sterke samenhang tussen imposter gevoelens en gebrek aan zelfvertrouwen. Er zijn veel losse onderzoekjes, vooral verricht door Clance en Imes, maar (recente) overzichtsartikelen een patroon van oorzaken en gevolgen zouden kunnen uitwijzen ontbreken2. Een search in PubMed levert een aantal hits op van onderzoek onder geneeskundestudenten, die hoog scoren op het fenomeen. De meest recente bijdrage die ik vond was van de gepromoveerde farmacoloog Adam Persky uit maart 2018. Hij beschrijft ‘een continue kloof tussen wat anderen in hem zagen en wat hij in zichzelf zag’3. Hij voelde zich een bedrieger, leed aan intellectuele zelftwijfel en was niet in staat zijn prestaties als zijn eigen verdiensten te zien.

Gelukkig is er iets aan te doen. Persky linkt naar de site van Valerie Young, een expert op gebied van het imposter syndrome. Onder de slogan ‘Everyone loses when bright people play small’ ontwikkelde Young een 10-stappenplan om het imposter syndrome te verslaan4. Want de gevolgen van een langerdurend lijden aan voortdurende angst om door de mand te vallen zijn niet mals. Volgens bedrijfskundige en coach Vreneli Stadelmaier ga je ofwel ga je alle uitdagingen uit de weg en bagatelliseer je successen, of werk je jezelf uit de naad om fouten te voorkomen waardoor je meer kans hebt op een burn-out1.

 

Het stappenplan (vrij vertaald van Valerie Young):

  1. Verbreek de stilte. Schaam je niet over je gevoelens een bedrieger te zijn en deel ze. Te weten dat je er niet alleen in staat helpt al een hoop.
  2. Scheid gevoelens van feiten. Het feit dat je je stom voelt betekent niet dat je het ook bent.
  3. Normaliseer je zelftwijfel in situaties waarin je daadwerkelijk de enige vrouw, man of vakinhoudelijke buitenstaander bent.
  4. Leg de nadruk op de voordelen. Perfectionisme kan wijzen op een gezonde ambitie om te excelleren. Alleen moet je het niet op alle vlakken willen uitblinken. Doe je best als het echt uitmaakt, maar sta je zelf toe routine taken op de automatische piloot te doen. Vergeef jezelf als de onvermijdelijke fout zich een keer voordoet.
  5. Ontwikkel een nieuwe manier om om te gaan met fouten en falen. Henry Ford zei ooit: ‘Falen is slechts de mogelijkheid om op een slimmere wijze opnieuw te beginnen.’
  6. Schoon je eigen regels op. Als je regel was: ‘je moet altijd het antwoord weten’ en ‘je mag niet om hulp vragen’ besef dan dat jij net zoveel recht hebt als ieder ander om het fout te hebben, het niet te weten, een slechte dag te hebben of om hulp te vragen.
  7. Ontwikkel nieuwe interne software. Dus niet bij een nieuwe baan denken ‘wacht maar tot ze erachter komen dat ik geen flauw idee heb wat ik aan het doen bent’ maar ‘Iedereen die ergens nieuw begint voelt zich wat onzeker in het begin. Ik weet misschien niet alles maar ben wel slim genoeg om het uit te vinden.’
  8. Visualiseer je succes. Net als een succesvolle sportman of –vrouw. In plaats van je rampen voor te stellen.
  9. Beloon jezelft! Als het je lukt om een vicieuze cirkel te doorbreken, geef jezelf dan een oprecht schouderklopje.
  10. Fake it ‘til you make it. Wacht niet tot je het kan voordat je het doet maar neem ook risico’s. Je zelfvertrouwen zal meegroeien.

Tot slot een geruststelling: juist wie last heeft van het impostor syndrome, hoeft hoogstwaarschijnlijk niet bang te zijn dat hij niet capabel genoeg is.1 Het tegenovergestelde komt namelijk ook voor in de vorm van het Dunning-Kruger-effect: Het treedt op bij incompetente mensen die juist door hun incompetentie het metacognitieve vermogen missen om in te zien dat hun keuzes en conclusies soms verkeerd zijn.5

 

Is dit stuk herkenbaar en wil je weten of je zelf ook aan het imposter syndrome lijdt? Vul de vragenlijst van Clance in via deze link

Literatuur

  1. Volkskrant Vloek van slimme mensen 
  2. NRC Ooit val ik door de mand 
  3. Intellectual Self-doubt and How to Get Out of It. Am J Pharm. V 82 (2) March 2018;
  4. Imposter syndroom 
  5. Wiki Dunning-Kruger effect