Een beetje lithium voor iedereen 2.0 

(Leestijd: 3 - 5 minuten)
waterkraan

Een aantal jaar geleden schreef ik voor DJP al eens iets over lithium in drinkwater, nadat een Amerikaanse psychiater (Anna Fels) een opiniestuk had geschreven in de New York Times waarin ze lithium niet alleen aanhaalde als mogelijke en ondergewaardeerde oplossing voor dementie, maar waar ze ook beschreef dat meer lithium gerelateerd leek te zijn aan lagere suïcidecijfers. Dat is iets wat we in de psychiatrie natuurlijk graag lezen. In Nederland, maar zeker ook in België waar de suïcidecijfers nog altijd relatief hoog blijken te zijn vergeleken met andere Europese landen. 

 

 

  

To be honest, na mijn eerst DJP post over dit onderwerp (in 2014) heb ik zelf even met het wilde idee gezeten eens uit te zoeken hoe het zit met lithium in drinkwater in België en Nederland. Ik was nog een redelijk jonge en onbezonnen wetenschapper die dacht – kan het echt zo simpel zijn? Doen we het in België op vlak van suïcidecijfers -zo slecht- gewoon omdat we niet genoeg lithium binnenkrijgen? Suïcidecijfers worden heel goed bijgehouden, op dat moment leken enkel de lithiumconcentraties te ontbreken. Dus ik begon een beetje in het wildeweg watermaatschappijen te contacteren om hen te bevragen naar beschikbaarheid van deze data. Al snel werd duidelijk dat lithium iets is dat niet standaard wordt bepaald bij controles van ons drinkwater, vanwege het ogenschijnlijk gebrek aan klinische relevantie ervan maar ook omdat de hoeveelheden in water relatief laag zijn vergeleken met wat we binnenkrijgen in ons voedsel. Lithium zit namelijk ook in bepaalde groenten, granen en vlees. 

 

Hoe werd dit onderzocht?

Het onderwerp blijft kennelijk hot topic. Het artikel dat ik vandaag bespreek werd afgelopen zomer gepubliceerd in het British Journal of Psychiatry. Het is een review en meta-analyse van een Britse groep (Memon et al) waarin alle deftige studies die tot op heden werden gedaan over dit onderwerp op een rijtje werden gezet. Dat alles om een antwoord te kunnen formuleren op volgende vraag – is het zo dat natuurlijk voorkomend lithium in drinkwater een protectief effect heeft op suïcide in de algemene bevolking? 

 

Belangrijkste resultaten

Memon et al. effectief een protectief effect van lithium in drinkwater op de kans op zelfmoord, zowel voor mannen als voor vrouwen. Men geeft aan dat natuurlijk voorkomend lithium in drinkwater potentieel de stemming stabiliseert, vooral in populaties met relatief veel suïcide en geografische zones met een grote range van lithium concentraties in het drinkwater. 

 

Wat betekent dat?

Dat zou betekenen dat mensen die wonen in regio’s waar relatief veel lithium in het drinkwater zit een minder grote kans hebben om te sterven door suïcide. Er zijn verschillende hypotheses achter deze bevinding. Het zou kunnen dat er minder suïcide is doordat lithium de klachten van stemmingsstoornissen onderdrukt. Ook zou lithium suïcidecijfers kunnen verlagen doordat het agressie onderdrukt, een effect dat gekend is wanneer lithium in therapeutische dosages wordt gegeven. De auteurs stellen voor in studieverband lithium effectief aan het drinkwater toe te voegen in specifieke regio’s en dan vooral daar waar de suïcidecijfers relatief hoog zijn. 

 

Bedenkingen

Mijn bedenkingen bij deze paper zijn gelegen op 2 vlakken. Het eerste is vooral inhoudelijk. Men doet verschillende meta-analyses waarbij telkens de heterogeniteit (de mate waarin de studies in de meta-analyse het min of meer met elkaar eens zijn) erg hoog is. Om dit -op te lossen- verwijdert men studies uit de (qua aantal studies toch al redelijk povere) meta-analyse om de heterogeniteit te doen dalen. Vaak met succes, maar inhoudelijk lijkt mij dit niet helemaal koosjer. Er wordt niet gekeken naar de reden waarom de studie (niet steeds dezelfde studie overigens) die uit de analyse wordt gesmeten een outlier is. Oftewel men zoekt niet naar verklaringen voor de heterogeniteit. Heeft het te maken met de populatie? Wordt suïcide door de betreffende studie op een andere manier geregistreerd? Of is er een andere reden waarom deze studie niet in het rijtje past? Door de grotere heterogeniteit en het gebrek aan een (zoektocht naar een) verklaring hiervoor verliest de meta-analyse mijns inziens een deel van zijn geloofwaardigheid. 

Daarnaast kan je je natuurlijk afvragen in hoeverre sporen van lithium een stabiliserend effect kunnen hebben. Als je je besef dat we om stemming te stabiliseren vaak honderden milligrammen geven, terwijl het in water veelal om enkele microgrammen per liter gaat, lijkt een echt therapeutisch effect haast ondenkbaar. Anderzijds lijkt het ook ondenkbaar dat zulke lage dosissen de vervelende bijwerkingen van lithium (nieren en schildklier) tot gevolg zouden hebben. Dus.. Baat het niet dan schaadt het niet? 

 

Waar ik een paar jaar geleden redelijk overtuigd was van dit boeiend fenomeen en geneigd was om meteen lithium toe te voegen aan drinkwater en zo vele mensenlevens te redden, ben ik nu iets minder jong en ook wat minder onbezonnen. Het lijkt me evenwel ontzettend boeiend om in Nederland en België zicht te krijgen op lithiumwaarden in drinkwater en te kijken of er ook bij ons een associatie is tussen lithium en suicide. Mocht iemand connecties hebben bij de waterbedrijven, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.!

 

 

Referentie

1.        Memon A, Rogers I, Fitzsimmons SMDD, et al. Association between naturally occurring lithium in drinking water and suicide rates: systematic review and meta-analysis of ecological studies. Br J Psychiatry. July 2020:1-12. doi:10.1192/bjp.2020.128


Twitter

Nieuwsbrief

Disclaimer/Privacy