Boekrecensie: Psychotherapie, hoe doe je dat? Concrete interventies voor de dagelijkse praktijk

Psychotherapie, hoe doe je dat?

De auteur beschrijft dit boek zelf als een neerslag van haar tien jaar intensief superviseren van GZ-psychologen, psychotherapeuten in opleiding en klinisch psychologen in opleiding. In haar voorwoord beschrijft ze dat ze haar supervisanten aanmoedigt om minder in DSM-diagnoses en evidence based behandelprotocollen te denken. Als alternatief oppert zij behandelingen op maat met het verhaal van de cliënt als leidraad, waarbij gezond verstand en aandacht voor het therapeutisch proces van belang worden geacht. Met dit boek worden deze supervisielessen vertaald naar concrete praktijkinterventies betreffende de intake, gespreks- en behandeltechnieken, complexe cliënten, lastige therapiesituaties en stagnerende behandelingen. Tot slot worden er verscheidene vignetten over specifieke thema’s en klachten aangeboden waarbij ook meer specifieke adviezen worden aangereikt.

 

Het boek is op een heldere wijze geschreven met een duidelijke structuur. De nadrukkelijke focus op concrete praktijkinterventies en de daarbij behorende reflectie - die supervisie eigen is - dragen bij aan de charme van het boek. Lezen over een “rommelige” praktijk met o.a. weinig concrete hulpvragen, meningsverschillen tussen cliënt en therapeut en zeer complexe problematiek kan als een verademing worden ervaren. Het boek geeft hiermee een realistische weergave van de complexe praktijk van de psychotherapie. Wat het boek mogelijk onbedoeld nog duidelijker illustreert is de immense kloof tussen de klinische praktijk en de wetenschap in het veld van de psychotherapie. Al wordt er in het boek gerefereerd naar psychoanalytische en cognitief gedragstherapeutische begrippen (bijv. overdracht, G-schema’s), wetenschappelijke referenties voor de voorgestelde diagnostiek- en behandelinterventies ontbreken. Zo wordt in het hoofdstuk "Stagnerende behandelingen" gesproken over de zogenaamde “Flight into health”-reactie waarbij de cliënt als vermijdingsreactie zichzelf plotseling beter verklaard. Of er sprake is van vermijding of een daadwerkelijke verbetering kan volgens de auteur getoetst worden door de therapeut die “aan zijn water voelt dat er iets niet klopt”. In dit fragment wordt voorbij gegaan aan meer dan twintig jaar onderzoek waarin snelle verbeteringen in psychotherapie bewezen positieve voorspellers zijn voor korte en lange termijn uitkomsten1. Deze “flight into health” paragraaf is een van meerdere fragmenten in het boek waarvoor geen of zelfs strijdig wetenschappelijk bewijs beschikbaar is. Het ontbreken van wetenschappelijke evidentie is volgens de auteur echter een bewuste keuze, waarbij ze in haar voorwoord benadrukt dat het boek een “neerslag is van impressies, ervaringen en ideeën opgedaan tijdens veertig jaar psychotherapeutisch bezig zijn en het gedurende vele jaren geven van supervisie”. Het feit dat wetenschap bij dergelijke ervaringen geen rol heeft gespeeld, geeft stof tot nadenken over onze huidige psychotherapeutische praktijk en supervisie.

 

Literatuur:

1 Shalom, J. G., & Aderka, I. M. (2020). A meta-analysis of sudden gains in psychotherapy: Outcome and moderators. Clinical Psychology Review, 76, 101827.

 

Referentie:
Psychotherapie, hoe doe je dat? - Concrete interventies voor de dagelijkse praktijk
Marisa Donner-Quanjer
Uitgever: Bohn Stafleu van Loghum
ISBN: 9789036827201
166 pag.


Twitter

Nieuwsbrief

Disclaimer/Privacy