Mentale gezondheid in de stad: waarom en hoe we op zoek moeten naar effectievere interventies

person walking under city bridge photo

person walking under city bridge photo

In het jaar 2010 bereikte de mensheid een kantelpunt: meer dan de helft van de wereldbevolking woont sindsdien in stedelijk gebied. Dit zal naar verwachting verder oplopen tot 70% in het jaar 2050. Daarnaast is er wereldwijd sprake van een zeer hoge ziektelast als gevolg van veel voorkomende psychiatrische aandoeningen zoals depressie, angststoornissen, en verslavingen (ook wel common mental disoders, CMDs). Al vanaf het moment dat de verstedelijking aantrok in de Westerse wereld ten tijde van de industriële revolutie, hebben wetenschappers zich afgevraagd of wonen in de stad en het risico op psychiatrische aandoeningen met elkaar samenhangen.

 

 

 

Onderzoekers van het Centre for Urban Mental Health van de Universiteit van Amsterdam onderzochten het verband tussen stedelijke omgeving en CMDs en ontwikkelden een nieuw conceptueel raamwerk voor toekomstig onderzoek, dat als doel heeft om nieuwe aangrijpingspunten te vinden voor interventies. Dit werk is onlangs gepubliceerd in Lancet Psychiatry.1

 

Wat is er onderzocht?

De associatie tussen verstedelijking en prevalentie van CMDs is exploratief in kaart gebracht met behulp van recente data van de Verenigde Naties en de Wereldgezondheidsorganisatie. Daarnaast is een literatuuronderzoek gedaan om meta-analyses te identificeren die gepubliceerd zijn sinds 1990 en het verband tussen stedelijke factoren en CMDs onderzochten. Om toekomstig onderzoek gericht op het identificeren van effectieve aangrijpingspunten voor interventies te bevorderen is tevens een nieuw conceptueel raamwerk ontwikkeld. Dit raamwerk heeft een wetenschappelijke benadering met complexiteit als uitganspunt (figuur 1).

 

Wat kwam eruit?

Er is een positieve associatie gevonden tussen verstedelijking en de prevalentie van CMDs, waarbij opviel dat deze associatie met name zichtbaar is als gekeken wordt naar landen waarin meer dan de helft van de bevolking in stedelijk gebied woont. Grote epidemiologische studies suggereren ook dat, met name in hoge inkomenslanden, CMDs meer in steden dan op het platteland voorkomen. In lage- en middeninkomenslanden lijkt dit verband ingewikkelder te zijn. Specifieke omstandigheden zoals het bestaan van sloppenwijken en grote sociale ongelijkheid maken ook hier onderzoek naar CMDs in stedelijke context van groot belang, waarbij rekening gehouden dient te worden met deze factoren. Er zijn daarnaast meerdere stedelijke factoren bekend die mogelijk verband houden met het ontstaan of onderhouden van één of meerdere van de CMDs. Deze zijn in te delen in natuurlijke omgevingsfactoren (bijvoorbeeld luchtvervuiling of geluidsoverlast), fysieke omgevingsfactoren (bijvoorbeeld groenvoorzieningen), en sociale factoren (bijvoorbeeld sociaaleconomische ongelijkheid of het ervaren van discriminatie).

 

Hoe nu verder?

Nieuwe kennis over welke factoren in een stedelijke omgeving geassocieerd zijn met het risico op CMDs is belangrijk, maar roept ook direct nieuwe vragen op over de precieze aard en richting van de verbanden in kwestie. Diverse stadsfactoren interacteren ook onderling en vormen zo, samen met de stadsbewoners, een complex web van variabelen en verbanden. Dit wordt gekarakteriseerd als een ‘complex systeem’. Een complex systeem bestaat uit individuele componenten die tezamen meer zijn dan ‘de som der delen’, zoals vogels die samen een georganiseerde zwerm vormen of zenuwcellen die samen het brein, inclusief de hoog complexe cognitieve functies, representeren. Complexe systemen worden gekenmerkt door non-lineaire verbanden tussen de componenten in dat systeem en de mogelijkheid van afwisseling tussen stabiele fasen en plotse schommelingen. Dit maakt het gedrag van het systeem als geheel (in dit geval de stedelijke omgeving en de mentale gezondheid van zijn inwoners) op langere termijn moeilijk te voorspellen. Voorbeelden van moeilijk te voorspellen complexe systemen uit andere disciplines zijn de ontwikkeling van de economie of het voorspellen van het weer. Methodologie uit de complexiteitswetenschap, zoals system dynamics modelling, agent-based modelling, of netwerkanalyses, kunnen mogelijk helpen om mentale gezondheid in stedelijk gebied beter te begrijpen. De auteurs van eerdergenoemd artikel presenteren daarom een conceptueel raamwerk vanuit complexiteitswetenschappelijk perspectief (figuur 1), dat als startpunt kan dienen voor toekomstig onderzoek. Dit onderzoek richt zich op het identificeren van nieuwe aangrijpingspunten voor (stedelijk) beleid en interventies, met als doel het verminderen van de ziektelast als gevolg van CMDs in stedelijke gebieden.

vdWal_LancetPsychiatry_F3.jpg

 

Figuur 1: Conceptueel raamwerk van CMDs in stedelijk gebied.2

Referenties
[1]: van der Wal, J.M., van Borkulo, C.D., Deserno, M.K., Breedvelt, J.J.F., Lees, M., Lokman, J.C., Borsboom, D., Denys, D., van Holst, R.J., Smidt, M.P., Stronks, K., Lucassen, P.J., van Weert, J.C.M., Sloot, P.M.A., Bockting, C.L.*, Wiers, R.W.* (2021). Advancing urban mental health research: from complexity science to actionable targets for intervention. Lancet Psychiatry, published online: October 7th 2021. *Gedeeld laatste auteurschap DOI: https://doi.org/10.1016/S2215-0366(21)00047-X

[2]: Reprinted from [1], page 6 (figure 3), Copyright Elsevier B.V. (2021), with permission from Elsevier.

 

De auteur

Junus van der Wal

Junus van der Wal

Meer van deze auteur

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang wekelijks een update over de nieuwste artikelen van De jonge psychiater

Gerelateerde artikelen
Opmerking
Opmerking
Hoe zou je deze pagina willen beoordelen?
Heb je een opbouwende opmerking?
Volgende
Laat je e-mailadres achter als we contact met je mogen opnemen over je feedback
Terug
Inzenden
Bedankt voor het achterlaten van je opmerking!