Welkom op de FAAZ: Filosofische Afdeling Algemeen Ziekenhuis 

De slepende discussie over de staat van de psychiatrie kende geen zomervakantie: in kranten, op social media en in zomerse tv-programma’s werd het vakgebied met de grond gelijkgemaakt of stellig verdedigd. Er is dan ook geen enkel vakgebied binnen de geneeskunde zo omstreden en zelfkritisch als de psychiatrie. Er is geen discipline zo bezorgd over medicalisering van alledaagse ellende en zo doordrenkt van twijfel over de validiteit van de diagnostische constructen waarop zij gebaseerd is. Dit maakt psychiatrie frustrerend en ingewikkeld, maar ook eindeloos fascinerend en, gek genoeg, leuk. 

Juist te midden van alle felle meningen en harde uitspraken is het broodnodig om te reflecteren, te bevragen en weloverwogen te discussiëren. Dat lukt het best aan de hand van concepten en theorieën die helpen om dingen net even anders te benaderen. Met filosofie, kortom. Dit maakt de zaken meestal niet minder ingewikkeld, wel interessanter, en uiteindelijk ook beter. De Duitse psychiater en filosoof Karl Jaspers begreep dit al toen hij in de vorige eeuw stelde dat de bekwaamheid van een psychiater afhankelijk is van de mate waarin zij beschikt over filosofische kennis. Maar hoeveel filosofie heeft een psychiater nodig? En waarom?

Meer inzicht

Allereerst geeft filosofie meer inzicht in de maatschappelijke discussies die de psychiatrie hebben gevormd, en nu nog vormen. Wat we als psychisch lijden zien, wordt niet alleen bepaald door (biomedische) wetenschap, maar ook door maatschappelijke context. Als discipline is de psychiatrie ooit in het leven geroepen om waanzin en gekte te doorgronden en om verschillende uitingen van de menselijke psyche te verklaren. Wat bleek: de psyche zit niet op één plek in het brein, en de mens staat niet los van de omgeving. En daarom is het nodig om te begrijpen hoe de psychiatrie is geworden wat zij nu is, en om de kritische bewegingen die hebben gezorgd voor wrijving en verandering serieus te nemen. Van denkers zoals Foucault en Fanon kunnen we leren hoe machtsstructuren en geopolitiek onlosmakelijk verbonden zijn aan het ontstaan, de uiting en de aard van psychisch lijden. 

Ook biedt filosofie de ruimte om fundamentele concepten zoals ‘ziekte’ en ‘stoornis’ te bevragen, in plaats van deze als vaststaande feiten te accepteren. In principe hebben de filosoof en de psychiater dezelfde corebusiness: vragen stellen. Filosofie is nodig om de kernvragen te stellen: om je af te vragen wat psychisch lijden nu eigenlijk is, en wat het betekent om iets als een ziekte te bestempelen. En wat we nu eigenlijk doen als we iemand diagnosticeren met een stoornis. Zo kan het meer ruimte en taal bieden om te begrijpen wat het psychisch lijden van de patiënt inhoudt.

Ook kan filosofie ons helpen omdenken en het belang van de ervaring en het eerstepersoonsperspectief laten zien. Dit wordt benadrukt in de werken van fenomenologen zoals Jaspers en Rümke. Volgens Jaspers kunnen we iets verklaren door theorieën te gebruiken, maar we kunnen iets ook proberen te begrijpen door ons op een empathische manier te verplaatsen in de belevingswereld van de ander. Geen enkel handboek kan je immers vertellen wat een depressie of psychose voor déze specifieke patiënt betekent.

Houvast

Ook kan filosofie houvast bieden bij vragen rondom betekenisgeving: geen enkele psychiater ontkomt tenslotte aan de existentiële dimensie van het vak. Misschien komt al het psychisch lijden wel neer op een zoektocht naar of gebrek aan zingeving. Misschien ook niet. Maar om deze grote levensvragen aan te durven gaan is het best fijn dat denkers als Sartre, Kierkegaard en Camus al ieder op hun eigen manier hebben nagedacht over vrijheid, eindigheid en vragen over betekenisgeving waar we eigenlijk geen antwoord op hebben. Filosofie helpt de psychiater om recht te doen aan zulke existentiële vragen. 

En uiteindelijk is filosofie ook praktisch. Denk aan ethische dilemma’s en morele vraagstukken rondom verplichte zorg en wilsbekwaamheid: hoeveel waarde hechten we aan autonomie, en wanneer houdt onze verantwoordelijkheid als behandelaar op? Zulke vragen zijn niet alleen juridisch of medisch, ze zijn ook filosofisch: ze gaan over autonomie, verantwoordelijkheid, schade en de vraag wanneer het gerechtvaardigd is om in te grijpen in het leven van een ander. Filosofie en ethiek bieden handvatten om ingewikkelde afwegingen te kunnen maken en beslissingen te kunnen onderbouwen.  

Het dwingt ons niet alleen tot het stellen van betere vragen, maar ook tot beter luisteren. Het maakt ons bewust van onze eigen impliciete en expliciete overtuigingen, en hoe deze ons denken en handelen beïnvloeden. Dus hoeveel filosofie heeft een psychiater nodig? Een hoop, blijkt. Een psychiater kan simpelweg niet zonder. Filosofische competentie kan bovendien helpen om de frustraties en lastigheden van ons vak te verdragen en te hanteren. Wie weet werken we ooit op de FAAZ (filosofische afdeling algemeen ziekenhuis), FFK (forensisch filosofische kliniek), IHF (intensieve home-filosofie) of op de HIF (hoog intensieve filosofie).     

Ben je psychiater (in opleiding) en wil je filosofische kennis opdoen of juist verder uitbreiden? Dan zijn de onderstaande evenementen iets voor jou! 

  • Het congres van de International Network of Philosophy and Psychiatry: op 8 en 9 oktober in Nijmegen met als thema: ‘What Can Philosophy Do for Mental Healthcare?’
  • De NVvP Jong Najaarsdag: op 13 november in Deventer, staat dit jaar ook in het teken van filosofie en psychiatrie 

Geschreven door:

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang maandelijks een update over de nieuwste artikelen van De jonge psychiater

Gerelateerde artikelen
Opmerking
Opmerking
Hoe zou je deze pagina willen beoordelen?
Heb je een opbouwende opmerking?
Volgende
Laat je e-mailadres achter als we contact met je mogen opnemen over je feedback
Terug
Inzenden
Bedankt voor het achterlaten van je opmerking!