Digitale ongelijkheid in typvaardigheid bij zorgverleners: een BMJ kerst-special

Waarom dit onderzoek?

Het is helaas een realiteit dat medisch personeel vaak veel tijd moet besteden aan administratie en het bijhouden van elektronische gezondheidsdossiers. Dit kan een behoorlijke belasting vormen aangezien het soms leidt tot minder tijd voor de directe zorg aan de patiënt. Anderzijds weten we dat slim gebruik van elektronische dossiers de kwaliteit van gezondheidszorg verbeteren, door onder andere de integratie van interdisciplinaire gezondheidsgegevens en het verminderen van de kans op medische fouten.

 

Onderzoeksvraag

Dit onderzoek is erop gericht de typvaardigheid van verschillende groepen zorgverleners in kaart te brengen.

 

Hoe werd dit onderzocht?

Een groep van 2690 ziekenhuismedewerkers van het Amsterdam UMC, representatief voor alle medewerkers, nam deel aan het onderzoek. Iedereen die in het ziekenhuis werkte, kon deelnemen aan de studie met voornamelijk een focus op personen die direct of indirect betrokken waren in patiëntenzorg, betrokken waren in medische administratie of onderzoek en onderwijs. De deelnemers voerden een online typsnelheidstest uit, waarbij hen gevraagd werd om zoveel mogelijk van een weergegeven kerstverhaal te typen in een tijdsperiode van 60 seconden. Daarnaast beantwoordden de deelnemers enkele vragen over hun taakomschrijving, opleidingsniveau en administratieve werklast.

 

Als je de test zelf eens wilt uitproberen, kan je surfen naar de volgende website: https://deso.studio/app/bmj-typing-test/ (noot: de test werd in de studie afgenomen in het Nederlands).

 

Belangrijkste resultaten

De gemiddelde typsnelheid van alle deelnemers bedroeg 60.1 woorden per minuut (SD 20.8), met substantiële verschillen tussen de gezondheidsberoepen onderling. Medewerkers in onderzoek en onderwijs hadden de hoogste typsnelheid, gevolgd door de groep artsen. Binnen de artsengroep was de typsnelheid van de internisten het hoogst (63.95 woorden/minuut), die van de dermatologen en microbiologen het laagst (respectievelijk 51.62 en 50.04 woorden/minuut). De psychiaters positioneerden zich op een gerespecteerde vierde plaats (62.91 woorden/minuut). De auteurs suggereren dat de hoge typsnelheid van internisten een gevolg kan zijn van de hoge tijdsdruk die gepaard gaat met zaalwerk, wat vlotte typevaardigheid vereist. Of dat personen met een hoge typsnelheid meer geneigd zijn deze baan te kiezen of doordat ze hierdoor beter presteren binnen deze job.

 

Administratief medewerkers voelden zich het meest comfortabel met administratie, terwijl artsen en verpleegkundigen voornamelijk negatieve gevoelens rapporteerden ten aanzien van dit soort werk. De houding ten opzichte van administratief werk was niet gekoppeld aan de typsnelheid. Artsen die weinig tot geen patiëntencontact hebben rapporteerden de hoogste tevredenheid ten aanzien van administratie. Vrouwen waren algemeen minder negatief over administratie dan mannen (gemiddeld verschil van 7.68 punten op een VAS schaal van 100).

 

Leeftijd had voor alle groepen een belangrijke invloed op hoe snel mensen konden typen: hoe ouder de deelnemers, hoe trager hun typsnelheid. De auteurs wijzen dit effect toe aan het feit dat de huidige generatie jonge gezondheidsmedewerkers al op jonge leeftijd in contact kwam met computers. Er werd geen verschil gevonden in typsnelheid tussen mannen en vrouwen. Deelnemers die ooit deelgenomen hadden aan een typcursus waren gemiddeld 20% sneller (gemiddeld verschil van 12 woorden/minuut).

 

Hoe zal dit ons vak veranderen?

Dit onderzoek bevestigt het gevoel dat er over het algemeen een negatieve houding heerst ten aanzien van administratieve taken bij zorgverleners. Wel is het opmerkelijk dat de houding ten aanzien van administratie niet gekoppeld was aan de typsnelheid, wat suggereert dat de negatieve houding ten aanzien van deze taken niet noodzakelijk gerelateerd is aan de typmogelijkheden van de zorgverlener. Eerdere onderzoeken hebben aangetoond dat verbeteringen aan de gebruiksvriendelijkheid van het elektronische gezondheidsdossier en alternatieve methoden voor het invoeren van gegevens, zoals audio transcriptie, tekst predictie of gespecialiseerde toetsenborden, mogelijke oplossingen kunnen zijn. Bovendien worden veel administratieve taken als overbodig beschouwd en kunnen sommige zonder enige impact op de kwaliteit van de zorg worden ingetrokken. Het blijft dus belangrijk om verder onderzoek te doen naar manieren om het gebruik van elektronische gezondheidsdossiers te verbeteren en tegelijkertijd de administratieve last voor zorgverleners minimaal te houden.

 

Referentie

Schuurman, A. R., Baarsma, M. E., Wiersinga, W. J., & Hovius, J. W. (2022). Digital disparities among healthcare workers in typing speed between generations, genders, and medical specialties: Cross sectional study. BMJ, e072784. https://doi.org/10.1136/bmj-2022-072784

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang wekelijks een update over de nieuwste artikelen van De jonge psychiater

Gerelateerde artikelen
Opmerking
Opmerking
Hoe zou je deze pagina willen beoordelen?
Heb je een opbouwende opmerking?
Volgende
Laat je e-mailadres achter als we contact met je mogen opnemen over je feedback
Terug
Inzenden
Bedankt voor het achterlaten van je opmerking!