“Laura, mag ik wat vragen?” – Waarom leiden antidepressiva tot overmatig zweten?

In de rubriek ‘Laura, mag ik wat vragen’, beantwoorden we klinisch farmacologische vragen van onze lezers. Heb jij ook een vraag? Mail hem naar [email protected].

 

“Hoi Laura,

Sommige antidepressiva geven overmatig zweten als bijwerking. Wat is het mechanisme daarachter, wordt het op een gegeven moment ook weer minder, en wat kunnen we er anders aan doen?

Groet,
Frank”

 

“Hoi Frank,

Een (forse) toename van zweten als gevolg van antidepressivagebruik is een vorm van ‘secundaire hyperhidrose’. Zo’n 5-14% van de patiënten die een antidepressivum slikt krijgt er last van, met enige verschillen tussen de groepen (SSRIs 10%, SNRIs 5-20%, TCAs 14%, bupropion 10%). Bij agomelatine, mirtazapine en trazodon wordt deze bijwerking niet beschreven, maar die middelen zijn vaak om andere redenen niet de eerste keus bij behandeling van depressie. Helaas gaat hyperhidrose, in tegenstelling tot veel andere bijwerkingen, meestal niet weg na verloop van tijd. 

 

Zweten heeft in de eerste plaats een thermoregulerende functie. Hoewel het exacte mechanisme van hyperhidrose bij antidepressiva niet bekend is, wordt wel gedacht dat er een zekere mate van centrale ontregeling van dit thermoregulerende mechanisme ontstaat. Serotonine kan een direct effect uitoefenen op de serotoninereceptoren in de hypothalamus die betrokken zijn bij thermoregulatie. De relatie tussen serotonine en de thermoregulatie wordt ook ondersteund door het klinisch beeld van een serotoninesyndroom, waarbij (naast neuromusculaire hyperactiviteit en neuropsychiatrische symptomen) vaak hyperthermie en zweten wordt gezien. 

 

De zweetklieren worden voornamelijk geïnnerveerd door adrenerge (sympathische) en cholinerge neuronen, waardoor antidepressiva met invloed op de bijbehorende neurotransmitters (noradrenaline, acetylcholine en dopamine) ook directe effecten kunnen hebben op het zweten in het perifere zenuwstelsel. Meer kan je daarover in dit stuk lezen. Bovenstaande verklaart dus waarom zowel de serotonerge, als de noradrenerge en dopaminerge antidepressiva hyperhidrose kunnen geven. 

 

Overmatig zweten kan erg vervelend zijn. Voor de hand ligt om eerst te onderzoeken of het verlagen of stoppen met het antidepressivum een optie is. Ook kan de patiënt switchen naar mirtazapine of trazodon. Switchen binnen de groep of tussen TCAs, SSRIs, SNRIs of bupropion valt te proberen, maar er is natuurlijk een kans dat ook met het nieuwe middel hyperhidrose ontstaat. Als voorgaande stappen niet hebben gewerkt, wordt meestal overgegaan op symptomatische behandeling van de hyperhidrose. Bij gegeneraliseerde hyperhidrose kom je dan al gauw uit op een medicamenteuze oplossing: middelen met een sterke anticholinerge (oxybutinine, glycopyrronium) of anti-adrenerge (doxazosine, clonidine) werking. Die stappen zijn best logisch, met het oog op de cholinerge en adrenerge innervatie van de zweeklieren. 

 

Ik zou voor een praktische aanpak in eerste instantie de NHG-standaard volgen. Als dat onvoldoende werkt, zou ik voor een vervolgstrategie dit artikel uit Psyfar erbij pakken. 

Laatste tip: op thuisarts.nl staat mooi voorlichtingsmateriaal. 

Groet,
Laura”

Geschreven door:

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang maandelijks een update over de nieuwste artikelen van De jonge psychiater

Gerelateerde artikelen
Opmerking
Opmerking
Hoe zou je deze pagina willen beoordelen?
Heb je een opbouwende opmerking?
Volgende
Laat je e-mailadres achter als we contact met je mogen opnemen over je feedback
Terug
Inzenden
Bedankt voor het achterlaten van je opmerking!